Het is zover: de Europese energie-eisen (EPBD IV) worden dit jaar definitief vertaald naar Nederlands beleid. Voor vastgoedeigenaren, verhuurders en bewoners betekent dit dat de regels rondom het energielabel flink op de schop gaan.
Wat moet je echt weten over de veranderingen in 2026 en daarna?
We vatten de belangrijkste punten voor je samen.
Vanaf eind mei verandert de manier waarop we naar de energiezuinigheid van gebouwen kijken. Dit zijn de drie grootste wijzigingen:
De lat komt steeds hoger te liggen. De focus verschuift van "minder verbruiken" naar "volledig emissievrij".
Er komt een nieuwe labelklasse voor emissievrije gebouwen. Vanaf 2030 moeten alle nieuwe gebouwen aan deze norm voldoen. Hierbij telt niet alleen het verbruik, maar ook de CO₂-uitstoot van de bouwmaterialen mee (het zogenaamde Global Warming Potential).
Voor utiliteitsgebouwen (kantoren, winkels, etc.) wordt de druk opgevoerd:
Hoewel 2030 vaak als ijkpunt wordt genoemd, ligt er voor de woningmarkt een belangrijke deadline in 2029. Eigenaren van huurwoningen met een label E, F of G moeten uiterlijk op 1 januari 2029 verduurzaamd hebben naar minimaal label D. Wachten is dus geen optie meer.

Het energielabel is niet langer alleen een "papiertje voor de verkoop", maar een dwingend instrument voor verduurzaming. Of je nu een monument bezit, een kantoor beheert of een woning verhuurt: de koers is duidelijk.
Tip: Controleer de vervaldatum van je huidige label. Valt deze na mei 2026? Dan kan het slim zijn om nu alvast te kijken wat de nieuwe berekeningsmethode voor jouw pand betekent.